Artikel
Trends in 2026
Van parkeerplaatsen naar parkeerrechten
Om effectief te sturen op een juiste balans tussen woningen, ruimte en mobiliteit, is het belangrijk dat gemeenten in hun beleid overschakelen van vaste parkeerplaatsen naar parkeerrechten. Spark adviseert gemeenten hoe zij samen met ontwikkelaars dit beleid het beste kunnen vormgeven. Stan van de Hulsbeek licht dit toe.
Uitdaging: balans tussen wonen, ruimte en mobiliteit
Stan van de Hulsbeek, senior consultant bij Spark, legt uit waarom de balans tussen woningen, ruimte en mobiliteit de komende jaren de grootste uitdaging wordt: “Nederland staat voor een enorme woningbouwopgave: 980.000 nieuwe woningen tot 2030. Daar kun je niet de ouderwetse parkeernormen op loslaten en grofweg meer dan 1 miljoen nieuwe parkeerplekken realiseren. Dat heeft een forse ruimtelijke impact en leidt tot parkeerdruk. Bovendien mis je daarmee kansen in de mobiliteitstransitie.”
Parkeernorm lager dan 1
Van de Hulsbeek signaleert dat steeds meer gemeenten dit inzien en daarom inzetten op nieuwbouwprojecten –zowel uitbreidings- als inbreidingslocaties – waar auto’s niet langer het straatbeeld domineren. “Dat betekent lagere parkeernormen – vaak lager dan 1 – gecombineerd met deelmobiliteit, parkeren op afstand bij mobiliteitshubs en het stimuleren van fiets en ov.” Toch roept deze aanpak vragen op waar gemeenten mee worstelen: “Werkt dit in landelijke gebieden? En leidt het niet tot parkeeroverlast in aangrenzende wijken?”
Parkeerrechten als oplossing
Om parkeren bij nieuwe ontwikkelingen slimmer te organiseren, adviseert Spark om niet meer te kijken naar vaste parkeerplekken, maar naar parkeerrechten. “Wanneer je een parkeernorm lager dan 1 hanteert, begint de puzzel: je moet bepalen wie een plek bij de woning krijgt, wie op afstand moet parkeren in een mobiliteitshub en wie gebruik gaat maken van deelmobiliteit. Dat vraagt om een samenspel tussen gemeenten en ontwikkelaars. Daarbij moet al in de planvorming worden gekeken naar de rol van parkeren in de ontwikkeling en vervolgens hoe parkeerrechten worden uitgegeven en gekoppeld kunnen worden aan woningen. Dit moet vervolgens worden vastgelegd in de omgevingsvergunning.”
Voorbeeld: Stationstuinen Barendrecht
Spark past deze aanpak toe bij het project Stationstuinen in Barendrecht. “Dat wordt een autoluwe wijk met een parkeernorm lager dan 1 en daarmee lager dan gebruikelijk in Barendrecht en omgeving. Wij adviseren de gemeente om grip te houden door vooraf al vast te leggen bij welke woning welk parkeerrecht hoort: een plek in de parkeergarage, een hub of een deelauto. Zo ontstaat een eerlijke verdeling tussen de verschillende doelgroepen en wordt voorkomen dat parkeerrechten handelswaar van de ontwikkelaar worden. Er ligt nu het voorstel om loting toe te passen om zo’n evenredige en eerlijke verdeling van parkeerrechten tot stand te brengen.”
Ook in de exploitatiefase blijft de verdeling van parkeerrechten van belang: “Hoewel parkeerrechten aan een woning gekoppeld zijn, is flexibiliteit gewenst. Nieuwe bewoners kunnen andere parkeerbehoeften hebben, zoals een voorkeur voor deelmobiliteit, een eigen auto of helemaal geen auto. Het gaat daarom om het totale pakket aan parkeerrechten binnen een project of gebied en om een optimale benutting van de beschikbare capaciteit.”
Deelmobiliteit en regulering
Bij de mate waarin deelmobiliteit onderdeel vormt van de parkeerrechten, ziet Van de Hulsbeek een duidelijk verschil tussen de grote steden en de kleinere gemeenten: “In steden wordt deelmobiliteit steeds meer geaccepteerd, in kleinere gemeenten is er nog koudwatervrees. Wij adviseren om deelmobiliteit te combineren met goed ov, dat kan met name in stationsomgevingen en spoorzones.”
Spark raadt gemeenten aan om een goede verdeling van parkeerrechten te combineren met beheermaatregelen in de vorm van een effectieve parkeerregulering. “Daarmee zorg je dat de juiste doelgroep op de juiste plek parkeert. Je wilt als gemeente namelijk geen parkeerprobleem dat terugslaat op het maaiveld. Het is daarom belangrijk om parkeren niet alleen te regelen binnen een ontwikkeling, maar ook rondom een ontwikkeling. Bovendien moeten gemeente en ontwikkelaar helder communiceren over hoe parkeren in het gebied is georganiseerd en wie waar recht op heeft.”
Parkeren als instrument
De bovenstaande ontwikkelingen laten zien dat parkeren steeds complexer wordt. Van de Hulsbeek legt uit waarom: “Je ziet dat parkeren steeds meer een instrument wordt om ambities van een stad te realiseren. Dat kan te maken hebben met de mobiliteitstransitie, maar bijvoorbeeld ook met de economische aantrekkelijkheid en de bereikbaarheid voor auto’s, met andere ruimteclaims en met de ambitie om een gebied veilig, groen en leefbaar te maken. Vanuit Spark helpen we gemeenten om deze ambities te vertalen naar parkeerbeleid. Het toekennen van parkeerrechten is daar een belangrijk onderdeel van.”
Van obstakel naar kans
Van de Hulsbeek ziet dat bij planontwikkelingen parkeerbeleid vaak ‘de eerste botsproef’ van een gemeente is. “Met ambities uit een omgevingsvisie – groener, veiliger, gezonder – kun je het zelden oneens zijn. Zodra een gemeente echter aan de slag gaat met sturend parkeerbeleid wordt het spannend. Komend jaar delen we onze ervaringen en ‘best practices’ om parkeren niet als obstakel, maar als kans te benutten voor een optimale balans tussen wonen, ruimte en duurzame mobiliteit.”
Dit artikel is gepubliceerd in Trendboek 2026 (Promedia) en op mobiliteit.nl
Ook jouw kennis en ervaring inzetten bij interessante projecten?
Bekijk onze vacatures en neem contact met ons op!
Nooit meer iets missen?
Volg ons op LinkedIn
En meld je aan voor onze nieuwsbrief



Pieter Delleman - Spark
Michael Fousert - Spark
Michael Fousert - Spark
Pieter Delleman - Spark
Michael Fousert - Spark
Bron: De Raad Groep
Leisurelands
Beeld Ehrenfestgarage: Bouwbedrijf Aan de Stegge Twello BV
Michael Fousert - Spark
Markus Spiske
Nieuw Leyden Stadswonen





Foto: Spark
Foto: Spark